Oproepen van een dergelijke strekking komen we regelmatig tegen. In tweets, ingezonden brieven, artikelen en discussies op TV. Meestal geschreven of uitgesproken door artsen. Want het vertrouwen in artsen is niet meer vanzelfsprekend. Berichten over disfunctionerende artsen en maatschappen, declaratiefraude en andere ontluisterende praktijken die aan het licht komen, spelen hierin een rol. Maar er is meer aan de hand.
Een van de oorzaken van het afnemende vertrouwen in artsen is dat er een steeds grotere mismatch is ontstaan tussen de eisen die in de 21e eeuw gesteld worden aan artsen (vertaald in het officiële curriculum) en het verborgen curriculum. Om een voorbeeld te geven:
Een van de belangrijkste kapstokken waaraan medisch specialisten hun superioriteit ontlenen, is hun deskundigheid. Ze laten zich voorstaan op hun grote hoeveelheid kennis.
Aan deze superioriteit wordt echter van twee kanten geknabbeld:
In de eerste plaats, is de medische kennis zo gegroeid (en deze groei neem nog steeds toe), dat het gebied waarop een specialist werkelijk expert is, steeds smaller wordt. Daardoor is het gevaar, dat de specialist zaken over het hoofd ziet of negeert die buiten zijn expertise vallen, groter geworden. Daardoor wordt de aanpak van specialisten nog minder holistisch dan die al was en zijn patiënten navenant minder onder de indruk van de expertise van de specialist.
Aan de andere kant leven we in een land vol met hoogopgeleide mensen die ook nog vrijwel allemaal toegang hebben tot internet. Dat betekent dat patiënten toegang hebben tot heel veel informatie en de kennisvoorsprong van de arts veel kleiner geworden is. Zeker bij patiënten met chronische aandoeningen is de traditionele arts-patiënt relatie niet meer passend. En zij vormen in deze tijd de meerderheid van de patiënten.
De reactie van de beroepsgroep tot nu toe is vooral defensief en conservatief. Begrijpelijk, want mensen (en dus ook artsen) houden niet van verandering. Er wordt met beschuldigende vingers gewezen naar de pers en andere media, naar de verzekeraars, de politiek en vooral naar patiënten Zoals in het artikel dat de aanleiding vormde voor mijn eerste blog. Patiënten willen te veel, zijn te mondig, doen domme dingen (zoals gebruik maken van alternatieve zorg).
Vorige week nog kwam de orde van Medisch Specialisten met het voorstel voor een second opinion een eigen bijdrage te vragen. Alsof je vertrouwen kunt afdwingen.
Een bijzonder voorbeeld is, wat mij betreft, de omgang met 'no-shows' op het spreekuur. Ook hier zochten velen de oplossing is het opleggen van boetes aan patiënten die niet op hun afspraak verschenen. Maar in het de bijdrage van Bas Bloem aan TedxMaastricht in 2011 klik hier wordt (o.a.) duidelijk dat, wanneer artsen er in slagen zich aan de greep van het verborgen curriculum te ontworstelen, er een veel betere manier is om 'no-shows' te voorkomen. En om, voor de betreffende arts, ook meer plezier te beleven aan hun patientencontacten.
In mijn volgende blog zal ik schrijven over evidence based medicine en hoe deze, in intentie kwaliteitsverhogende, ontwikkeling soms het tegendeel veroorzaakt.
Posts tonen met het label professionele attitude. Alle posts tonen
Posts tonen met het label professionele attitude. Alle posts tonen
maandag 13 mei 2013
woensdag 8 mei 2013
De magie van de witte jas.
In mijn eerdere blogs ben ik ingegaan op de rol van verborgen curriculum in de socialisatie van artsen en in het creëren van de mythe van de arts als bovenmenselijk wezen.
Het dwingt ze ook om bepaalde menselijke kwaliteiten, zoals empathie en betrokkenheid aan zichzelf en hun patiënten te ontzeggen.
Een van de belangrijkste symbolen voor het beroep is de witte jas. Het is geen toeval dat overal op de wereld de witte jas door artsen (en door vrijwel niemand anders) gedragen wordt. Op een aantal plaatsen in de wereld (o.a. de VS) vinden zelfs witte jassen ceremonies plaats, wanneer geneeskundestudenten aan hun co-schappen beginnen en ze zichtbaar deel worden van de artsenclub. Club is eigenlijk niet het juiste woord. Er is eigenlijk sprake van een stam of 'tribe'.
Met zijn of haar witte jas, trekt de arts een symbool van professionaliteit, deskundigheid en status aan. Wat eigenlijk gewoon werkkleding zou moeten zijn, heeft zich tot een belangrijk deel van de identiteit ontwikkeld. De mens met al zijn eigenaardigheden en talenten, wordt iemand anders. Het is het uniform van de ziekenhuisarts en vooral van de Medisch Specialist!! (dit dient met hoofdletters en uitroeptekens uitgesproken te worden). Studenten die na de basisopleiding voor de huisartsenopleiding kiezen, nemen vervolgens weer afscheid van dit symbool. Zij worden dan ook geen EXPERT!!, maar zijn breed georiënteerd. Vaak zijn huisartsen ook minder arrogant en meer zelfkritisch dan medisch specialisten.
In mijn ervaring moeten de witte jassen ook uitgetrokken worden om artsen 'teachable' of 'coachable' te maken. Artsen die ik in het verleden getraind of gecoacht heb, gaven ook letterlijk aan, dat ze met hun witte jas hun zekerheid uittrekken.
Daarmee komen we bij het volgende thema: de witte jas als harnas:
Omdat artsen bovenmenselijke wezens geacht worden te zijn, mogen ze geen fouten maken, geen emoties tonen en geen onzekerheid laten zien. De witte jas en de daarbij behorende professionele attitude dient als harnas. Maakt artsen onaantastbaar en beschermd tegen (zelf)kritiek. Wanneer je EXPERT!!! bent weet je het immers altijd beter.
Maar er is nog een ander aspect. Zoals gezegd, moeten artsen de mythe van de bovenmenselijk arts in stand houden om erbij te horen. En erbij horen is belangrijk om te overleven. Maar ze moeten dus ook voortdurend de schijn ophouden dat ze iets anders zijn dan ze zijn en dat alle collega's dat ook zijn. Dus leven ze naast de werkelijkheid. Elke dag weer.
Aangezien een groot deel van de socialisatie onbewust verloopt, gaat het vaak volkomen automatisch en hebben ze niet eens veel keuze om het eventueel anders te doen.
Maar, zoals W. de Kanter in haar blog (klik hier) schrijft: artsen en geneeskundestudenten zijn net mensen. Dit is een uitdrukking die ik ook vaak gebruik om de tragiek van deze situatie te omschrijven. Want door zichzelf en elkaar gevangen te houden in de mythe van de arts als bovenmenselijk wezen, veroorzaken ze ongewild veel ongeluk.
Voor zichzelf en elkaar, voor de mensen met wie ze werken en voor patiënten en hun naasten.
In die zin kan de witte jas ook als een dwangbuis gezien worden. Niet alleen dwingt het artsen en geneeskundestudenten om allerlei menselijke zwakten te negeren of zelfs te ontkennen.
Het dwingt ze ook om bepaalde menselijke kwaliteiten, zoals empathie en betrokkenheid aan zichzelf en hun patiënten te ontzeggen.
Volgende week over de steeds groter worden mismatch tussen het officiële en het verborgen curriculum en waarom artsen aan vertrouwen verliezen bij hun patiënten.
Abonneren op:
Posts (Atom)


